Luisterogen
Het project ‘Luisterogen’ zorgt ervoor dat anderstaligen op een totaal andere manier en in een andere context hun Nederlands kunnen oefenen. [praktijkvoorbeeld]
Het project ‘Luisterogen’ zorgt ervoor dat anderstaligen op een totaal andere manier en in een andere context hun Nederlands kunnen oefenen. In het museum zoeken ze aan de hand van 10 kaarten met eenvoudige woorden en afbeeldingen iets uit de collectie dat hen aanspreekt en vertellen ze erover.
Het project is een samenwerking tussen het Koninklijk Orthopedagogisch Centrum Antwerpen en De Dagen vzw enerzijds en Museum Plantin-Moretus anderzijds. Voor het project ‘Luisterogen’ kregen we steun van Stad Antwerpen (Onderwijs-, Cultuur- en Jeugdbeleid).
Een traditie voortzetten
Na de herinrichting van het museum in 2017 blijkt het huidig pakket niet meer up-to-date te zijn. We werken momenteel aan een nieuwe, betere versie. Ondertussen hebben we ook een beeldboek ‘De droom van Christoffel’ gemaakt voor mensen die Nederlandse les volgen, met een hoopvolle tekst van Ilona Plichart en prachtige foto’s van Jimmy Kets. Onze droom is om over vijf jaar een ‘Open Inlooppunt Taal’ te zijn, en om ons team gastheren en gastvrouwen uitgebreid te hebben met mensen die nu Nederlands leren.
Taal verbindt ons allemaal
Getrouw aan haar geschiedenis wil het museum ook vandaag nog een ontmoetingsplaats zijn waar aandacht is voor taal, boeken en letters. Daarom heeft het publieksteam van het museum een beleid uitgezet waarin veel speciale aandacht gaat naar laaggeletterdheid. Een ontmoeting met Oliva Moors was de start van een langdurige samenwerking met ‘Luisterogen’, een innovatief educatief systeem dat kwaliteitsvolle leerkansen biedt aan dove en slechthorende jongeren. Onder de beschermende vleugels van het Koninklijk Orthopedagogisch Centrum Antwerpen en De Dagen vzw ontwikkelt Oliva kwalitatief hoogstaand lesmateriaal voor haar leerlingen. Met ‘Luisterogen’ wil ze niet alleen nieuwe Nederlandse woorden aanleren, maar ook de leefwereld en de sociale vaardigheden van de doelgroep op een creatieve manier verruimen.
Museum als open leeromgeving
Omdat ze haar leerlingen verschillende letters en lettertypes wilde tonen en hen met die letters wilde laten werken, kwam ze bij het museum terecht. Voor het museum was het een uitgelezen kans om op een andere manier met de collectie en het educatief aanbod aan de slag te gaan. Samen werkten we ‘Luisterogen in het Museum Plantin-Moretus’ uit, een specifieke tool om actief het museum te ontdekken, zonder voorkennis en uitnodigend tot gesprek.
Ondanks dat de vraag afkomstig was van een projectleerkracht voor dove en slechthorende jongeren, heeft het museum bij de ontwikkeling van de tool altijd rekening gehouden met de toepasbaarheid voor een veel groter publiek. Een groot deel van de Antwerpenaars heeft het Nederlands niet als moedertaal, én heeft een andere culturele achtergrond. Ook voor hen wil het museum relevant zijn en een open leeromgeving bieden. De stedelijke musea hebben een stimulerend beleid naar alle mogelijke groepen cursisten die Nederlands willen leren toe (NT2, inburgering, OKAN klassen, …). De te ontwikkelen tool moest ook door hen te gebruiken zijn.
Ontdek onderaan deze pagina hoe het in zijn werk gaat.
Taal verbindt ons allemaal. Een goede kennis van het Nederlands maakt een anderstalige nieuwkomer sterker. Het is ook belangrijk je thuis te voelen in dat nieuwe land. En wat is er nu fijner dan jouw letters en jouw taal tegen te komen in een museum in je nieuwe vaderland? Voor mij persoonlijk was de blijdschap van een Ethiopisch meisje uit een OKAN klas bij het vinden van letters van haar eigen alfabet een hoogtepunt. Ze ontdekte daar ter plekke dat het museum ook een beetje van haar was. En dat was precies wat we wilden bereiken met dit Luisterogen project.
Over Museum Plantin-Moretus
Het Museum Plantin-Moretus is het eerste museum dat op de Unesco-werelderfgoedlijst staat. Het is het originele woonhuis en drukkerij van de uitgeversfamilie Plantin-Moretus in hartje Antwerpen. In de 16de en 17de eeuw was de uitgeverij van Christoffel Plantijn van groot maatschappelijk belang. Toen al was het een plek waar vele stemmen klonken, verenigd rond boeken en taal. Vandaag zet het museum dit maatschappelijke engagement verder. Het Museum Plantin-Moretus is een ontmoetingsplaats met aandacht voor participatie, duurzaamheid en creativiteit.
Luisterogen: zo gaat het in zijn werk
Ik, kunst of lief
Zo gaat het in zijn werk. Onder leiding van de eigen leerkracht/begeleider bezoeken groepen laaggeletterde of taalarme jongeren of volwassenen het museum. Aan de balie vragen ze naar het ‘Luisterogenpakket’. Dan krijgen ze per groep één mapje met kaartjes ter grootte van een prentbriefkaart. De eerste reeks wordt gevormd door 10 kaarten met elk één woord. De woorden hebben soms een meervoudige betekenislaag, zoals bijvoorbeeld ‘ik’, ‘kunst’ of ‘lief’.
Elk woord is gezet in twee verschillende lettertypes. Op de ene zijde van de kaart staat het woord in ITC Avant Garde Gotiek, een lettertype dat gebruikt wordt in boeken voor beginnende lezers. Op de andere zijde staat het zelfde woord in een ander lettertype, uit de collectie van het museum. Voor elk woord koos het museum een bijpassende letter zodat de cursisten in totaal 10 verschillende soorten lettertypes leren kennen. Daardoor ziet hetzelfde woord er soms heel anders uit.
Bij elk woord hoort een tweede kaart met een symbool/afbeelding, een woordbeeld dat het woord verbeeldt. Deze beeldkaart kan versterkend en verduidelijkend werken voor diegenen die een heel beperkte taalbeheersing hebben. Zo wordt ‘lief’ uitgebeeld met een hart. De woordbeelden kregen een heel eigen, mooie vormgeving, ontworpen door Oeyen & Winters. De begeleider kiest zelf of hij de beeldkaart gebruikt of niet.
Taal verbindt ons allemaal
Dan worden de groepsleden, alleen of in kleine groepjes, met een woordkaart het museum in gestuurd. Ze gaan zelfstandig op zoek naar een object of een ruimte die zij het beste vinden passen bij het woord. Na een bepaalde, vooraf afgesproken tijd komen de groepsleden weer samen. Dan gaan ze samen rond in het museum. Elke cursist vertelt over zijn/haar vondst. Op dat moment wordt ook de derde reeks van 10 kaarten gebruikt. Deze kaart toont een ruimte of een voorwerp uit het museum dat goed bij het woord past en tegelijkertijd het verhaal van het museum vertelt. Op de andere kant van die kaart wordt heel kort in een zeer eenvoudige taal (nooit meer dan drie zinnen, nooit meer dan drie lettergrepen, geen moeilijke woorden) een korte uitleg gegeven over het waarom van deze keuze, vertrekkend vanuit de persoon Christoffel Plantijn. Ook van deze kaart zijn er dus 10 verschillende, passend bij de 10 woorden. Al naar gelang de behoeften van de cursisten kan de werkwijze aangepast worden.