Ga verder naar de inhoud

Trefdag 2018 "TranCity": het verslag

31.10.2018

Op dinsdag 23 oktober kwamen we samen in het M-Museum voor de (uitverkochte!) zevende trefdag van Pulse Transitienetwerk Cultuur Jeugd Media, ditmaal over het thema stedelijkheid en onder de titel ‘TranCity: de toekomst is steeds’. Een versag.

De stad speelt een steeds belangrijkere rol in de transitie naar een duurzame en sociaal-rechtvaardige samenleving. Maar dan zullen we écht moeten leren leven in die stad. Tijdens TranCity gingen we op zoek naar hoe onze sectoren (kunnen) bijdragen aan de transitie in die stedelijke context. 

Boeiende sprekers namen het podium, aanwezige professionals staken de koppen bij elkaar tijdens workshops en tijdens de lunch werd onze honger ook gespijsd met theater. Lees verder en ontdek de inhoud van de sessie die dag, en alsof dat nog niet genoeg is, onze SDG-praktijkenbank werd ook die dag gelanceerd.

Veel leesplezier!

Keynote

Thomas Block (centrum voor Duurzame Ontwikkeling)

‘Hoe de complexiteit van duurzaamheid en transities erkennen? De Stadsacademie als transdisciplinair collaboratorium’

Thomas Block is docent binnen de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de Universiteit Gent en hoofd van het interfacultair Centrum voor Duurzame Ontwikkeling (CDO). Het CDO focust op multi- en transdisciplinair onderzoek naar de sociale en politieke dimensies van duurzaamheidsuitdagingen. Kenmerkend voor het onderwijs van het CDO is de actieve inbreng van studenten en het benaderen van duurzaamheidsvraagstukken als politieke kwesties. Hoe doceren als er niet echt één juist antwoord is? 
Vanuit deze filosofie zet Thomas Block ook mee zijn schouders onder de ontwikkeling van de Gentse Stadsacademie. Deze nieuwe setting wil een collaboratorium worden waarin zowel studenten, professoren en onderzoekers van UGent als beleidsmakers, het maatschappelijk middenveld en burgers kennis kunnen delen en debatteren over grote Gentse sociale en ecologische uitdagingen. Het is een plek waar samen wordt nagedacht over probleemdefinities en oplossingen, over toekomstvisies en strategieën, over experimenten en opschaling. In de Stadsacademie werken studenten uit verschillende disciplines onder begeleiding van transdisciplinaire teams aan een sociaal-rechtvaardige en ecologisch duurzame toekomst van Gent."

[slideshow]

VOOR­MID­DAG­SES­SIES

Op de barricades! ABC van actievoeren

Roel Stynen van Tractie nam de deelnemers aan deze workshop meteen op sleeptouw via een interactieve kennismaking met de cruciale vragen: Waar lig je wakker van? Wat geeft je hoop? Welke inspirerende actie heb je meegemaakt?

Wanneer we actievoeren in een ruimer perspectief plaatsen, ontstaan er 4 kwadranten, gericht op cultuur/normen, beleid/politiek, bewustzijn en gedrag.

De groep bracht dan concrete acties aan, die in de kwadranten hun weg vonden. Op basis van een reeks foto’s van diverse acties werden groepjes gevormd om een bepaalde actie te bespreken. Nadien volgde de toelichting in plenum.

Acties hebben diverse doelstellingen: Protest, overtuigen, dwingen en vervangen (alternatieven zichtbaar maken). Daarbij komen nog 2 belangrijke aandachtspunten:

  • Bekijk een actie als een onderdeel van de globale werking
  • Heb aandacht voor de ruimere kring rond de actievoerders

Het was geen eenvoudige opdracht om op 2 uur het ABC van actievoeren te brengen. Maar Tractie, trainersgroep van Vredesactie biedt opleidingen op maat aan. Alle informatie op hun website en op facebook: @tractieverzetinbeweging

Klimaatadaptatie 101

Hoe kan je een (groot)stad veerkrachtiger maken zodat ze omkan met de vele uitdagingen die klimaatverandering  met zich meebrengt. Terwijl iedereen aangezet wordt om de uitstoot van CO2 te verminderen, wordt langzaam duidelijk dat we ook met de gevolgen van de opwarming moeten omgaan. In de lage landen gaat klimaatadaptatie vooral over het opvangen van hittestress en de afwisseling van droogte en wateroverlast als gevolg van hevige neerslag. In deze sessie verkennen we deze beleidsuitdaging en hoe we er via onze werking aan kunnen bijdragen.

Daan Van Tassel (ruimtelijk planner bij Stad Leuven) legt de vloek en zege van de Dijle uit. Enerzijds kan de rivier voor verkoeling zorgen, anderzijds is Leuven door de omringende heuvels en plateau’s ook gevoelig voor overstromingen. Leuven zet een cultuur van samenwerken voorop waarbij de stadsbrede vzw Leuven 2030 alle sectoren mee vertegenwoordigt (burgers, bedrijven en organisaties, overheden, kennisinstellingen, …).  Op klimaat.vmm.be kan je de effecten van klimaatverandering in grafieken en kaarten in Vlaanderen zien. Concreet ontwerpt Leuven speelpleinen, parken, groenvoorzieningen, Dijleterassen, … om meer infiltratie van regenwater toe te laten, de Dijle meer plek te geven en potentiële overstromingszones toe te laten. 

[Slideshow]

In Tilburg zet de gemeente erg in op lokale initiatieven die ontstaan en die inspelen op een klimaatvriendelijke, sociale en circulaire samenleving. Als beleidsadviseur is Gert van den Elsen de persoon die de lokale initiatieven versterkt en ondersteunt.  De enorme uitdaging om tegen 2030 Nederland van aardgas af te halen, vergt vele en creatieve oplossingen. Tegeltuinen, groendaken, heraanleg van speelpleinen, … zijn enkele voorbeelden. Belangrijk is dat het eerlijk en sociaal verloopt, zodat de kosten gedeeld worden door de hele samenleving want wie betaalt deze transitie? Kan de overheid het voortouw nemen en hier in investeren zodat ze expertise uitbouwen.

[Slideshow]

Roeland Dudal van Architecture Workroom Brussels brengt inspiratie vanuit de culturele praktijk. AWB is een think-and-do tank voor innovatie binnen de architectuur, stedenbouw en andere aan de ruimtelijke ontwikkeling verwante disciplines. Door ontwerpers in allianties te betrekken bij het planningsproces bouwt Architecture Workroom Brussels aan een context voor vernieuwing binnen de ontwerppraktijk.

You Are here is een tentoonstelling en debatprogramma over de missing link tussen wat ik vandaag kan doen en hoe we dan geraken waar we willen geraken. De 23ste verdieping  in het WTC gebouw (World Transformation Center) met blik op Brussel en Vlaanderen is een publieke ontmoetingsruimte  en werkplek, een uitnodiging aan  mensen en groepen die zoeken naar oplossingen, de praktijk der praktijken. The next big thing will be a lot of small things.

[Slideshow]

Betergem 2038: stad van de toekomst

Deze sessie werd ingeleid met een video over Betergem, een doorsnee stad of gemeente in 2038. Of beter: een plausibele stad of gemeente wanneer we een aantal futuristisch ogende techno-trends van vandaag mogen doortrekken. Betergem is een modelleerbare stad, 3D printing is alomtegenwoordig, robots doen zorgarbeid, verpakkingen bestaan uit paddenstoelenvezel en er wordt ook al eens naar Mars gevlogen. 

Na deze wervelende introductie discussieerden de aanwezigen aan diverse werktafels over toekomstscenario’s voor een aantal maatschappelijke domeinen (zoals consumptie, mobiliteit, maken, voedsel, wonen, werken, geld en cultuur). Een aanzet werd gegeven in de vorm van een inspiratiefiche per domein. Al snel werd het spanningsveld tussen korte termijn en lange termijn, tussen eindbeeld en strategie voelbaar. De ruime tijdshorizon zorgt voor creativiteit en speculatie, maar de vertaalslag van scenario naar concrete toepassing op korte termijn lijkt minstens even belangrijk. 

Betergem is bedacht door TransitieNetwerk Middenveld en Vlaanderen Circulair als methodiek om transitiethema's en circulaire economie dichter bij de burger te brengen . Een stuk sensibiliseren dus, maar de methodiek beoogt ook bevraging. De scenarioplanning vindt plaats op een soort inspraakvergadering. Wat houdt burgers wakker? Wat zijn hun noden? Hoe zien zij de toekomst? Wat deze inspraak kan opleveren, is niet geheel duidelijk. Maar de methodiek heeft alvast de verdienste om aan te tonen dat transitie niet voor iedereen hetzelfde betekent en dus voorwerp is van politiek debat. 

Stedelijke voedselstrategieën

Eén van de grote vragen voor de volgende decennia is: hoe gaan we de steden voeden wanneer we tegen 2050 met 9 miljard mensen op de aardbol rondlopen, waarvan er 80% in de steden leven? De laatste paar jaar zien we dat steden beginnen inzetten op eigen voedselstrategieën. In Vlaanderen zijn Gent en Leuven voorlopers op dat vlak. In deze workshop kregen we eerst een voorstelling van de Leuvense voedselstrategie door Michèle van Leuven 2030, de stadsbrede vzw voor een duurzaam Leuven. Na een breed gedragen participatief proces, kwam Leuven uit op zeven grote doelstellingen

  1. gezonde en duurzame voeding voor iedereen
  2. consumenten en producten dichter bij elkaar brengen
  3. ruimte voor duurzame voedselproductie
  4. duurzame landbouw
  5. duurzame voeding toegankelijk voor iedereen
  6. voorkomen van voedselverlies
  7. innovatie

Hannelore Tyskens van Rikolto (het vroegere Vredeseilanden) vertelde daarna hoe ze proberen om consumenten niet zomaar aan te zetten om duurzamer te consumeren, maar ook om hun stem als burger te laten klinken. Bijvoorbeeld, in de campagne Ik ben meer dan mijn kasticket stellen burgers vragen aan supermarkten over gebruik van plastic en verpakkingen, over de impact van promo’s op boeren of waar de groenten vandaan komen. Supermarkten blijken het niet makkelijk te hebben met dat soort kritische vragen om te gaan en hun praktijken bij te sturen. 

Tussendoor was er voldoende tijd voorzien om met alle aanwezigen te discussiëren over de rol die ze zichzelf of hun organisaties zien opnemen. Sommige mensen vroegen zich bijvoorbeeld of supermarkten wel de partners zijn om mee aan de slag te gaan. Blijf je dan niet teveel in het bestaande systeem hangen? Of kunnen die net de schaal creëren die nodig is voor verandering? En ja, we raakten er niet direct uit. Er bleek nog werk aan de winkel. 

Diversiteit: dekolonisatie van duurzaamheid

LABO is een sociaal laboratorium dat werkt aan emancipatie en sociale verandering. Met een aangepast en interactief vormingsaanbod helpt het bestaande groepen en organisaties leren, ageren, bewegen en organiseren.

Vanuit hun activisme voor kritisch burgerschap namen Jeroen en Sayira van LABO de aanwezigen eerst mee op een tocht waarin ze de verbinding van verschillende strijdperken blootlegden: of hoe de klimaatcrisis, migratiecrisis en (de)kolonisatie als transnationale uitdagingen stuk voor stuk met elkaar geconnecteerd zijn als je verder doorkijkt. En de (op)roep voor een ‘dekolonisatie van duurzaamheid’. En dat pas  met het zien van de intersecties en de achterliggende machtsprocessen ook het sleutelen en bouwen aan oplossingen écht kan waargemaakt worden.

Oplossingen in duurzaamheid - zo kwam uit de groepsgesprekken - zijn dan wezenlijk divers. Ze geven stem aan diversiteit en diversifiëren, met de volle complexiteit en de wil voor nuance, en met écht samenwerken. Dat is dus niét instrumenteel samenwerken met doelgroepen voor afvinklijstjes. Maar voluit samenwerken met elkaar als ‘hele mens’; zo ook de dingen waar jij het misschien moeilijk mee hebt. Een samenwerken waarbij je durft jezelf in vraag te stellen, en je blik leert verschuiven, in plaats van samenwerken om jezelf te herkennen en bevestigen. 

Het werd een gesprek zonder remmingen, en met introspectie, tussen collega’s uit het brede culturele werkveld die allemaal op één of andere manier zoekende of gedreven of verontwaardigd zijn omtrent het werken in een diverse context rond duurzaamheidskwesties en – bewustzijn. 

M als 3rd place: in gesprek met Peter Bary

Tijdens de sessie M als 3rd place nam M-directeur Peter Barry de groep allereerst op sleeptouw doorheen het complexe museumgebouw. Vanuit de vaststelling dat het museum over heel wat on- en onderbenutte (tussen)ruimten beschikt, wilde het museum met de deelnemers tot een brainstorm komen over de wijze waarop het museum deze ruimtes kan inzetten om het contact met de stad en haar inwoners te intensifiëren. 

Om de brainstorm, die gemodereerd werd door Jochem Daelman van Onkruid vzw, op het juiste pad te zetten werd vertrokken van het idee van de derde plek. Derde plekken zijn die plaatsen, los van je (t)huis (eerste plek) en je werkomgeving (tweede plek), waar je je als inwoner en burger goed en op je gemak voelt. Het zijn plekken waar je jezelf kan zijn, mensen ontmoet, in dialoog gaat, … Ook al worden ze niet expliciet zo benoemd, toch zijn derde plekken belangrijk in het leven van alledag. Iedereen heeft er/kent er zo wel een paar. De insteek van de brainstorm was dan ook om na te gaan wat zo’n derde plek tot derde plek maakt en wat M zou kunnen doen om ook als derde plek op de mentale kaart van de Leuvenaars te komen.

Uit de rondvraag aan de de deelnemers van de sessie bleek dat voornamelijk (semi-)publieke plaatsen als derde plekken worden beschouwd: bibliotheken, kunst- en cultuurcentra, parken, stations en treinen, open kerken… Daarnaast werden opvallend veel café’s genoemd, vaak gelinkt aan een culturele instelling (Bozar, Muntpunt, Vooruit, Nest, …). Uit de vraag naar wat deze plaatsen nu precies tot derde plekken maakt kwamen een aantal elementen naar boven:

  • Toegankelijkheid en inclusiviteit

Het gaat quasi altijd om plaatsen die openbaar, weinig begrensd en/of laagdrempelig zijn. Ze nodigen uit om ze te betreden en staan in principe voor iedereen open.

  • Veiligheid

Plaatsen die omschreven worden als derde ruimtes zijn ‘veilige’ ruimtes. Het zijn ruimtes waar je jezelf kan en mag zijn, waar je je kinderen onbekommerd kan laten ravotten/ontdekken/eventjes alleen laten… (Hierbij natuurlijk rekening houdend met de regels eigen aan de plaats in kwestie) en waar je zelf kan/mag werken of lezen of slapen, ….

  • Inspirerend

Derde plekken zijn vaak inspirerende plekken. Idealiter hebben ze een eigen ‘smoel’ of identiteit. Dit door hun inrichting, filosofie en de activiteiten die ze er ontplooien of die er ontplooid worden. Ze weten de aanwezigen te inspireren en zetten hem/haar er (on)bewust toe aan om er te blijven. Het zijn ‘fijne plekken om te zijn’.

  • Gevarieerd

Op derde plekken komen vaak meerdere dynamieken samen. Het zijn niet zo maar monofunctionele plaatsen, maar plaatsen waar er van alles gebeurd, kan of mag gebeuren. Dat draagt bij aan hun populariteit en zorgt er voor dat heel wat mensen, vaak met verschillende redenen en doelstellingen, hun weg naar die plekken vinden.

  • Dialoogstimulerend  

Idealiter zijn derde ruimtes plaatsen waar je andere mensen kan ontmoeten en met hen in dialoog kan/mag treden. Vaak zijn het plaatsen waar een doorsnede van de samenleving komt en je dus kan interageren met mensen waar je niet spontaan mee zou praten. 

Vervolgens focusten de deelnemers op de derde plaatsen van het M-Museum. Wat kan M doen om zelf (meer) als derde plek in Leuven te fungeren en wat schort er momenteel (misschien) nog aan de inrichting van de bezochte tussenruimtes die dit in de weg staan? Uit de bespreking van de derde plekken die de deelnemers aan de sessie na aan het hart liggen en door de inzichten die hieruit naar voor kwamen te projecteren op M, kwamen een aantal zaken naar voor waarvan enkel de aanwezigen op de hoogte zijn.

Na de lunch speelt Het nieuwstedelijk, ‘De Kiezer Beslist’: Politiek theater vanuit het oogpunt van iemand die niet in politiek geïnteresseerd is. Een combinatie van audio (heel politiek Vlaanderen passeert de revue), muziek en tekst.

NA­MID­DAG­SES­SIES

Uitmuntend! Workshop stadsmunten

Wat doet geld eigenlijk, welke effecten heeft het en wat zijn de voor- en nadelen van complementaire munten? Sander Van Parijs  van Muntuit leidde ons met veel enthousiasme door een sessie over gemeenschapsmunten, zonder PowerPoint (hoera) maar druk tekenend met stift en papier. We konden meteen tonen hoe we zelf met geld omgaan tijdens een spel in twee delen: eerst vertrok iedereen met dezelfde middelen, daarna mochten we gaan lenen bij de bank. Bleek dat sommige mensen een gat in hun hand hebben, terwijl anderen wel erg behoudend zijn. Vooral interessant was om te zien hoe een verandering van de regels van een geldsysteem meteen tot ander gedrag leidt.

In feite is geld niet meer dan een afspraak binnen een gemeenschap over hoe en tegen welke waarde iets geruild of betaald wordt. In principe kan een gemeenschap dan ook zelf invulling geven aan die afspraken. Zo kun je een visie verbinden aan wat geld is en wat het doet.

“In feite is geld niet meer dan een afspraak binnen een gemeenschap over hoe en tegen welke waarde iets geruild of betaald wordt.”

De Torekes uit de Gentse Rabotwijk figureerden als een boeiend voorbeeld om dieper in te gaan op hoe gemeenschapsmunten in de praktijk werken en welke effecten ze hebben. Wie zich als vrijwilliger inzet voor burenzorg, buurtzorg of milieuzorg kan Torekes verdienen in Rabot. In 2017 zijn er zo 10.989 uren beloond. Torekes kunnen bij lokale handelaars gebruikt worden, of bijvoorbeeld om een bioscoopticket of vuilniszakken te kopen. 1 Toreke is dan 10 cent waard. Het fijne aan het systeem is o.a. dat ‘geld verdienen’ hier voortkomt uit samenwerken aan de wijk en verbinding leggen tussen mensen.

Overigens blijken er verschillende modellen van complementaire muntsystemen te bestaan. In ruilmodellen geven mensen elkaar wederzijds krediet en is het dus belangrijk om vraag en aanbod met elkaar te matchen (zoals in LETS). In beloonmodellen kunnen mensen bij bepaalde partners munten verdienen (bijvoorbeeld door verrichten van vrijwilligerswerk) die dan bij andere ingeruild kunnen worden (bij de plaatselijke bakker bijvoorbeeld). In dat geval is er een meestal een overheid, zoals de stad Gent, die garant staat dat handelaars hun gemeenschapsmunten kunnen omruilen tegen Euro’s. Uiteraard bestaan er ook mengvormen van die systemen.

Wie er zelf aan wil beginnen, kan voor advies terecht bij Muntuit.

Stadsresidenten: kunstenaars weven de stad

Beginnend met een interactief spel brengt Marieke De Munck van Vooruit iedereen op de hoogte van de ‘facts van Vooruit’. Hierna zoomde de Munck in op het STADSATELIER en het werk van de stadsresidenten Elly van Eeghem, Maria Lucia Cruz Correira, Simon Allemeersch/ Lucinda Ra en Peter Aers. Het STADSATELIER is een onderzoeksatelier rond kunst en de samenleving, met de stad als werkplaats. De stadsresidenten mogen met ideeën komen, om de verbinding te maken tussen de burger en de kunstenaar, de stad en de vrije ruimte. Het is hierbij wel van belang dat de burgers actief betrokken worden bij het proces. 

Na een korte pauze mochten de participanten vragen stellen aan de Munck. Vragen als: ‘Wie bepaalt welke kunstenaars resident mogen of kunnen worden?’. ‘Hoe lang duren de residenties over het algemeen?’ werden gesteld. Niet alleen de participanten mochten vragen stellen, ook de Munck stelde vragen aan hen. Er werd over gebrainstormd en aan het einde met de groep besproken. Een leerzame middag waarin men veel van elkaar heeft kunnen leren.  

Participeren als voedingsbodem

Een sociaal-rechtvaardige duurzaamheid kan maar groeien op een vruchtbare bodem van inspraak, participatie en mede-eigenaarschap. Betrokkenheid en draagvlak zijn sleutelwoorden. Dit groeit deels uit het besef dat veel maatschappelijke vraagstukken te ingewikkeld zijn om ze alleen te kunnen oplossen. Tussen staat, markt en de private leefwereld zit een brede zone opgevuld door de civiele maatschappij. Dit is de ruimte waar maatschappelijke participatie vorm krijgt, waar burgers proberen invloed te hebben op de processen die onze samenleving beïnvloeden. 

Maar zijn onze steden, gemeenten en organisaties hier wel klaar voor?  Burgers worden assertiever, de overheid en organisaties experimenteren maar er is ook traagheid van organisaties en onvolwassenheid van beleid. 

Gie Van den Eeckhaut van Socius licht drie denksporen toe en raadt aan om in  te zetten op de ‘tussenruimte’, waar burgerinitiatieven en overheden elkaar voortdurend raken in een lokaal democratisch verhaal. Hier zijn vitale coalities belangrijk. Ambtenaren kunnen cruciale speler zijn in hun pivoterende rol. 

We gaan verder in discussie via 4 gesprekstafels waar 4 organisaties (CitizenLab, De Wakkere Burger, VVJ en VRT) vanuit hun praktijkverhaal participatie toelichten. 

[Slideshow]

Vluchtroutes voor het antropoceen

De stad staat voor dynamiek en agitatie. We doen een stap opzij en nemen de tijd om te filosoferen over the bigger picture. Samen met gastsprekers, denkers en zoekers peilen we naar breukvlakken en vluchtlijnen in ons tijdsgewricht. Welke stedelijke toekomst dient zich aan, wat houdt duurzaamheid in en welke transitie willen we aanstuwen? Vlucht vooruit, achteruit of waar nog?“ Een gesprek met onder andere Warda El-Kaddouri, Lieven De Cauter, Natalie Eggermont, Elke Van Campenhout en u! Onder het toeziend oog van Guy Gypens (Kaaitheater).

De gesprekspartners zoeken samen naar een houding om te vluchten, te ontsnappen uit de actuele impasse van ecologische neergang, toenemende ongelijkheid, democratisch deficit, enz. Is er ruimte voor een ecologisch-progressief alternatief voorbij het dominante neoliberale paradigma enerzijds en de nationalistische, autoritaire golf anderzijds? Welke toekomstbeelden en praktijken kunnen we nastreven of vormgeven? 

LEES HIER HET GESPREK

Stadslabo’s: toolkit

Stadslab 2050, Leuven2030 en time lab zijn stadslabo’s in respectievelijk Antwerpen, Leuven en Gent. Translab K is een regionaal stadslabo in de Kempen. Daar waar de eerste drie vertrekken van zich stedelijke transitievraagstukken is Translab K eerder een netwerk dat initiatieven rond transitie met elkaar verbindt en in met een netwerk ondersteunt. 

We gingen aan het werk met een toolkit ontworpen in het kader van Urb@exp, een gestructureerde manier om ‘wicked problems’ in verband met transitie aan te pakken. De grote structuur van de toolkit zijn zeven vragen: 

  • Wat is het onderwerp van dit probleem?
  • Wat zou de meerwaarde van het innovatielab kunnen zijn?
  • Welke concrete resultaten willen we bereiken?
  • Hoe wordt de stad daar beter van?
  • Wie moeten we betrekken?
  • Wat krijgen de stakeholders in de plaats?
  • Wat als…

[Slideshow]

De laatste vraag wordt de onderzoeksvraag waar het stadslabo zich over zal buigen.

In drie groepen werd er met de toolkit geëxperimenteerd. Wat tot hele diverse resultaten en processen leidde. Enerzijds gaf dit het gevoel dat de methodiek nog niet helemaal op punt staat. Anderzijds opent de diversiteit aan processen ook wel perspectieven. Timelab heeft een eigen toolkit ontwikkeld die je kan vinden op hun website. 

Praktijksafari: Leuven European Green Leaf 2018

Leuven is als stad één van de trekkers van het stadsbrede project Leuven klimaatneutraal 2030. Ook inwoners, bedrijfswereld, de universiteit en het middenveld participeren hieraan. Als draaischijf voor dit project werd de vzw Leuven2030 opgericht. Deze vzw zorgt voor voldoende eigenaarschap. Iedere partner doet zijn deel, Leuven 2030 zorgt voor coördinatie. De stad, als grote partner in dit project zorgt voor de duurzaamheid van de eigen organisatie, is verantwoordelijk voor heel wat acties en initiatieven voor inwoners en zorgt voor het beleid hierachter. We maakten kennis met het stedelijk openbaar groen, deze keuze zorgde bijna voor een verdubbeling van de groene parken in de stad (van 200 naar 350 Ha). Het circulatieplan, met lussen, samen met fietsparkeerplaatsen, zorgde ervoor dat de stad leefbaarder werd. Begeleidende maatregelen zorgden snel voor een hoge aanvaardingsgraad. De parking aan de Vaartkom wordt momenteel te weinig gebruikt, er zal dus ingezet worden op betere verbindingen met het centrum. Leuven is ook de stad die op nummer 1 staat in Vlaanderen op het vlak van autodelen.

De plannen om de Dijle open te leggen – met een aanzienlijke groene zone die overstroombaar is, kadert in acties rond klimaatadaptatie. Dit zorgt immers voor luchtstroming in de stad. De Dijle kan tevens functioneren als warmtebron via warmtewisselaars. Leuven wil op regionaal vlak ook een voortrekkersrol spelen op vlak van hernieuwbare energie via burgerparticipatie. Zij werken hiervoor samen met strategische partner Ecopower. Meer recentelijk werd er ook ingezet op lokale voeding. In 2017 werd er een voedselstrategie uitgewerkt. Er is aandacht voor pluktuinen, CSA-boerderij, voedselverspilling,… Er is samenwerking met sociale restaurants en de voedselconsumptie zal worden opgenomen binnen het klimaatbeleid. Op het vlak van duurzaam wonen gaat men de isolatie van bestaande woningen versnellen, van 150 naar 750 per jaar.  Via een project circulaire economie hoopt men extra middelen binnen te halen.

SLOTSESSIE

Manu Claeys: ‘Red de Democratie’

Manu Claeys krijgt het laatste woord. Over het belang van democratie, participatie, een sterk middenveld, de kracht van ongehoorzaamheid en de nood aan leefbare steden. Of is het laatste woord aan u?

Manu Claeys is essayist en voorzitter van het Antwerpse bewonerscollectief stRaten-generaal, dat in 2010 de Prijs voor de Democratie kreeg en in 2017 met de Vlaamse overheid een Toekomstverbond afsloot over een duurzaam mobiliteitsplan in Antwerpen. Sinds zijn veelbesproken boek “Het Vlaams Blok in elk van ons” (2001) exploreert Claeys al bijna twee decennia eigentijdse vormen van politiek burgerschap.

In zijn nieuwste boek “Red de Democratie” pleit hij voor een verrijkte invulling van politiek burgerschap. Claeys maakt de vergelijking met het brein van de octopus, een dier dat denkt met zijn hele lichaam. De armen handelen deels autonoom. In het octopusmodel hoeven burgers niet langer toeschouwers te blijven bij de partijpolitieke strijd van anderen, machteloos toekijkend en zich uiteindelijk afwendend. Ze worden zelf politieke actoren, op vele manieren. Democratische intelligentie en rechtvaardigheid leg je niet op van bovenaf, je bouwt ze op door overheden en burgers slim te laten samenwerken.

Lees het Pulse-interview met Manu Claeys en ontdek zijn visie op een leefbare stad

Wie was van de partij:

Koen Adams (30CC), Tiny Alaerts (Vormingplus Oost-Brabant), Peter Bary (M-Museum), Thomas Block (CDO UGent), Jole Botterman (Vormingplus regio Mechelen), Marc Breban (Inspinazie), Lore Claes (Kaaitheater), Manu Claeys (stRaten-generaal), Sanne Clerinx (30CC), Ewout Compernol (4AD), Tom Cools (August Vermeylenfonds), Uschi Cop (Departement CJM), Roxanne Cox (Formaat), Lize Crauwels, Jochem Daelman (Onkruid), Lukas De Block (Kunstwerkt vzw), Greet De Brauwere (HoGent), Lieven De Cauter (KULeuven), Ester De Doncker (Pulse Transitienetwerk), Ines De Geest (Chirojeugd Vlaanderen), Frie De Greef (Sociale School Heverlee/UCLL), Steven De Mesmaeker (Dilbeek Cultuur en Samenleven Vzw), Marieke De Munck (Vooruit), Caroline De Neve (Vermeylenfonds), Merlijn De Rijcke (OIKOS), Silke De Schoenmacker (Pulse Transitienetwerk), Liesbeth De Voogdt (Handelsbeurs Concertzaal), Benoit De Wael (WIELS), Dirk De Wit (Kunstenpunt), Gwennan Dekens (Vlabra'ccent), Inge Delafortrie (KSLeuven), Pieter Delafortrie (Pulse Transitienetwerk), Fred Dhont (Socius), Roeland Dudal (Architecture Workroom Brussels), Mieke Dury (Vormingplus Limburg), Inne Eeckhout (JC De Klinker), Ben Eersels (De Wakkere Burger), Natalie Eggermont (Climate Express), Warda El-Kaddouri (Ugent), Marlene Elgueta (De vieze gasten), Gert Engelen (Rikolto), André Faché (UHasselt), Jolien Felis (De Ambrassade), Joke Flour (Natuurpunt CVN), Thomas Franck (GC Pianofabriek), Mozol Franken (Kaaitheater), Ilse Germonpré (Femma), Katrien Geussens (Ecolife), Marc Godon (VRT Innovatie), Niels Goovaerts (Artforum), Paula Gorissen (Cijferadvies voor Social Profit), Jon Goubin (Socius), Laura Greffe (Curieus), Petra Griefing (Stad en Architectuur), Karo Guetens (JEF), Guy Gypens (Kaaitheater), An Heyerick (Veneco / Meetjesland Klimaatgezond), Valerie Himschoot (Pulse Transitienetwerk), Dries Hoogmartens (Stebo), Joke Hüwels (Formaat vzw), Caroline Huyghe (Rikolto), Michèle Jacobs (Leuven2030), Karolien Jansen (Departement Cultuur, Jeugd en Media), Barbara Janssens (Netwerk Bewust Verbruiken), David Joets (Meer Democratie), Ilse Joliet (Kaaitheater), Thibaut Joris (BOS+), Jimi Keerssemeeckers (Uitstraling Permanente Vorming vzw), Schenning Kenneth (LINC vzw), Senta Kochanek (Bibliotheek De Krook/Greentrack Gent), Mil Kooyman (Pulse), G. Korenromp, Luc Lafosse (Stadslab 2050), Sofie Lattré (NUCLEO), Ann Lefever (Pianofabriek), Annelies Lefevre (Jeugddienst Globelink / Transitienetwerk Middenveld), Esmé Lemmens (Cultuurconnect), Florence Lepoudre (BRAL vzw), Katrien Loots (Vormingplus Kempen), Orphee Mariën (Prospekta/Greentrack Antwerpen), Sayira Maruf (LABOvzw), Frederik Matthijs (VDK Bank), Sylvia Matthys (Forum voor Amateurkunsten), Jos Meers (Formaat), Rosan Meijer (Vlaams Architectuurinstituut), Tosca Meylemans (Ecolife VZW), Maarten Milloen (Pasar), Karel Moons (Ruimtevaarder), Lies Moors (Pulse Transitienetwerk), Fien Morren (Vzw Jeugddienst Globelink), Ann Mous (Departement CJM), Aline Muylaert (CitizenLab), Annelies Nevejans (STAM), Jorijn Neyrinck (Werkplaats Immaterieel Erfgoed), Debby Nivelle (Stebo), Dietlinde Oppalfens (Curieus Brussel), Erik Paredis (CDO Gent), Raïssa Pater (Vooruit), Ingrid Pauwels (Ecolife), Jef Peeters (Oikos), Johan Penson (InfraCult), Imke Pichal (VVJ), Jasper Plaetinck (Ancienne Belgique VZW), Liesbeth Provoost (Vormingplus Oost-Brabant), Monica Quintens (Transitienetwerk Middenveld), Mathilde Renson (Circus Zonder Handen), Atia Reta (Rataplan), Jeroen Robbe (LABOvzw), Kristin Roeckx (VRT), Katrien Rycken (Leuven2030), Lies Sacré (Curieus vzw), Daan Simons (De Veerman), Marieke Snauwaert (Pianofabriek Gemeenschapscentrum), Marianne Sneijers (Kunstwerkt), Jasper Standaert (Fonds Culturele Infrastructuur - dep. Cultuur, Jeugd en Media), Victor Steenssens (Arktos vzw), Roel Stynen (Vredesactie), Viktor Swillens (Wie (Werkplaats immaterieel erfgoed)), Anke Swinnen (Curieus Vlaams-Brabant), Evi Swinnen (Timelab), Mohamed Taamouti (De Roma), Noor Talpe (JC De Klinker), Frank Tassignon (Curieus), Patricia Toebinte (Vormingplus Oost-Brabant), Tim Toubac (Het nieuwstedelijk), Hannelore Tyskens (Rikolto), Katleen Uvin (Handelsbeurs Concertzaal - Noordstarfonds vzw), Elke Van Campenhout (Bureau d'Espoir), Lukas Van Damme (Vlaamse Unesco Commissie), Dirk Van de Poel (Transitienetwerk middenveld), Gie Van den Eeckhout (Socius), Gert van den Elsen (Gemeente Tilburg), Finn Van Dinter (Pulse Transitienetwerk), Inne Van Engeland (LINC vzw), Eva Van Eynde (Inspinazie en Circolito), Adinda Van Geystelen (Kunsthal Extra City), Wim Van Herck (GC De Wildeman), Nicky Van Kerrebroeck (Werkplaats Immaterieel Erfgoed), Lies Van Lierde (CCDilbeek - Westrand), Lieselot Van Maldeghem (Cultuurconnect), Liesbeth Van Meulder (Rikolto), Ineke Van Nieuwenhove (Mei Plasticvrij), Sander Van Parijs (MuntUit), Carmen Van Praet (Globelink), Eline Van Reeth (KLJ), Carine Van Remoortere (Vormingplus Waas-en-Dender), Nathalie Van Renterghem (Inspinazie), Anja Van Roy (Lasso), Wim Van Roy (De Wakkere Burger), Daan Van Tassel (Stad Leuven), Jeroen Vanacker (Concertgebouw Brugge), Lydia Vandam (M-Museum), Alexander Vander Stichele (Faro - Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed vzw), Rien Vandermeersch (Greentrack Brugge), Jakob Vandevoorde (JNM / Endeavour), Andy Vandevyvere (Trage Wegen), Sanne Vanhellemont (Linc - vzw), Geert Vanhorebeek (Stad Leuven), Chantal Vanoeteren (City & Social co-creativity), Ruth Vanreusel (De Roma), Floortje Vantomme (Werkplaats Immaterieel Erfgoed), Jeroen Vereecke (De Leiding CVBA), Laurence Verheijen (Fotografe), Nele Verlinden (Anima Eterna Brugge), Sofie Verschueren (Vormingplus Regio Mechelen), Ine Vos (Lasso), Kristien Vrancken (CCV), Marc Vrebos (Ancienne Belgique), Tim Wagendorp (VAF), Jeroen Watté (Wervel vzw), Nikol Wellens (Kunstenpunt), Séverine Windels (DOEK vzw), Mathijs Wouters (Globelink), Jan Wyckaert (Rikolto), Bart De Vos (Nieuwstedelijk), Thomas Verachtert (Nieuwstedelijk), Adriaan Van Aken (Nieuwstedelijk), Mathias Van den Brul (Nieuwstedelijk), Katrin Van Den Troost (Haven COOP), Stef Steyaert (Levuur/Socius), Wim Schrever (Fietscampagne), Annemie Vingerhoets (Kunstwerkt), Dries Van de Velde (Samenlevingsopbouw/Co.Labs), Ben Merchie.